De katten hebben we al een poosje samen. Het zijn asielkatten. Toch zijn ze niet samen in huis gekomen. Het begon namelijk allemaal met onze tuxedocat: de kattenprinses. Zij was een jonge kattenmeid van nog geen jaar. Het dierenasiel waar we haar haalden omschreef haar als kattig, op zichzelf en prima alleen te houden als binnenkat. Ze hoeft niet zo nodig naar buiten. En niets ten nadele van de medewerkers van het asiel, maar mensen: wat hadden jullie het bij het verkeerde eind. Een beetje. Want na een jaartje gaf onze prinses toch wel aan eenzaam te zijn. Niet in woorden, maar je merkte dat ze wat in huis miste. Wij waren niet genoeg. Maar hoe haal je een tweede kat in huis, als gezelschap voor je kat?

Karakterschets
Om nog even terug te komen op de karakterschets van onze prinses: ze is inderdaad voor onbekenden wat kattig. Als dingen niet gaan zoals zij wil, dan haalt ze uit. Niet altijd met nagels, en ook niet altijd goed gericht, maar ze kan schade aanbrengen als ze in het nauw zit. Maar ik zag al snel dat de kattenprinses een buitenkat was, en dat ze het saai vond om alleen in huis te zijn. Ze was aan ons gewend en heel lief, vooral voor mijn gozer. Hij is namelijk haar vriend, vind zij. Mij tolereert ze, en ik ben tweede keus, maar mijn gozer is haar alles.
De rode kater is de kater die ik meteen op het oog had toen ik keek op de website van het dierenasiel. De rode kater kwam uit een kattengezin van 32 katten. Hij was dus super-sociaal. Maar ook een echte kater. Want hij was pas op 6-jarige leeftijd in het asiel gecastreerd. Omdat we vermoedden dat de prinses te vroeg bij haar moeder is weggehaald en daarna nooit echt met andere katten heeft leren omgaan, was de rode kater in mijn ogen de perfecte keus. Maar ook hijΒ had zijn makke: hij was nog nooit echt alleen geweest.

De eerste dagen van de asielkatten in huis
Toen we de kattenprinses ophaalden was ze het enige huisdier. Het was heel natuurlijk om haar meteen vrij te laten in huis, in alle kamers. Ze liep dan ook vanaf de eerste minuut rond alsof dit haar koninkrijk was. Met de kater deden we het heel anders. Omdat hij typisch zo’n kater is met grote bek, klein hartje hebben we hem de eerste drie dagen in een kleinere kamer gehouden met zijn eigen kattenbak en eten. Ik zat wel veel bij hem, omdat het alleen zijn moeilijk was. De prinses heeft die drie dagen extra met mijn gozer geknuffeld, want ze vond het allemaal raar en spannend.
Beiden wisten ze dat er een andere kat in huis was. Maar ze konden elkaar niet zien. Bij het einde van de derde dag lieten we de deur naar de kamer een klein stukje open, maar hielden de deur wel dicht, zodat ze niet bij elkaar konden komen. Ondertussen wist de prinses dat de kater’s geur erbij hoorde. En de kater begon langzaam te beseffen dat hij kon slapen wanneer hij wilde, dat de kattenbak altijd schoon was en dat hij nooit hoefde te vechten om eten. Ik denk dat hij de voordelen begon in te zien van het alleen zijn.

Eindelijk kennismaken
En toen kwam de dag dat we de deur open lieten. In eerste instantie lieten we de rode kater een uurtje rondlopen, terwijl de prinses zich in de vensterbank verstopte. De kater heeft een uur alleen maar lopen miauwen, want hij was op zoek naar zijn familie. Uiteindelijk, met eten natuurlijk, werd hij wel wat rustiger. Volgens mij hebben we hem toen nog wel weer terug in zijn kamertje laten gaan, maar aan het einde van de eerste week waren de twee katten samen als we van huis waren. En het ging. Niet ideaal, want zij gaf hem steeds een tik op zijn neus als hij te dichtbij kwam. En hij probeerde steeds weer bij haar te zitten of met haar te knuffelen.

Gezondheid van asielkatten
De kattenprinses was jong en gezond toen we haar uit het asiel haalden. Met een korte periode van wat darmproblemen omdat ze even aan het nieuwe voedsel moest wennen. Maar de rode kater was jarenlang eigenlijk verwaarloosd. Het is dat hij zo’n harde bikkel is, maar anders had hij nooit de leeftijd van 6 jaar gehaald. Hij bleef darmproblemen houden Γ©n nam een kolonie vlooien mee. Wat we toen nog niet beseften was dat onze prinses super-gevoelig is voor vlooien. Ze beet haar achterpoten en staart helemaal kaal. Dat zal vast ook te maken hebben gehad met de stress van de nieuwe kat, maar pas toen we ze allebei goed tegen vlooien gingen beschermen was het over. En destijds waren ze nog geen buitenkatten. Daarom hadden we ze in het begin ook niet elke maand tegen vlooien beschermt. Maar de kater zat er gewoon vol me.
De kater had problemen met zijn darmen, net als de prinses. Maar ook met zijn gebit, zijn oren en hij had waarschijnlijk ooit niesziekte gehad. Op een avond had hij na een klap van een boze prinses zo lopen niezen dat hij zijn linkeroog niet meer dicht kreeg. Gelukkig viel zijn binnen-ooglid, het knipvlies, er toen automatisch overheen, zodat zijn oog niet uitdroogde. Na een bezoek aan de dierenarts – alweer – , moesten we maar langzaam afwachten of het oog weer naar ‘binnen’ zou gaan, zodat hij zijn oog weer dicht kon doen. Dat duurde toch nog zo’n twee weken. De dierenarts had me op het hart gedrukt om in de gaten te houden dat dat knipvlies wel over zijn oog bleef. Een kattenoog droogt snel uit en dan is het einde verhaal voor dat oog.
Oude kater met problemen
Ondertussen miste de kater ook al een groot gedeelte van zijn tanden en kiezen. Hij had nog maar twee hoektanden over. Dat heeft hem nooit gehinderd bij het eten, hoor. Een ander probleem was dat zijn oren nooit echt schoon te maken waren. Het vet en vuil kreeg hij er zelf niet uit, en nu hij zijn familie mistte. De prinses was niet van plan zijn oren schoon te likken. Hety vuil begon wel erg te jeuken als het warm was. Van de dierenartsen kregen we het advies om er dan heel voorzichtig wat olie in te druppelen en daarmee het vet en de was wat zachter te maken. Maar nu hebben we Chi, die het geweldig vind om de oren van de kater uit te likken. … Ja, echt smakelijk is het niet, maar het helpt de kater wel.

Goede beslissing
Waarom kozen we twee volwassen asielkatten, en geen kittens? Omdat je bij een volwassen kat kunt zien wat hun persoonlijkheid is. Kittens zijn altijd schattig, en die komen ook vaak wel goed terecht. Maar ik vind het een fijn idee dat we deze twee asielkatten opgevangen hebben en dat ze ook nog iets aan elkaar hebben. Want ondanks dat de kater steeds een klap kreeg van de prinses bleef hij volhouden. En de prinses is toch wel blij met de afleiding die de irritante rooie kater haar geeft. Het mooiste vind ik dat Chi af en toe er tussen springt, als de kater te amoureus wordt en de prinses daar last van heeft. Dan jaagt Chi de kater even weg. En de prinses heeft al een kattenkusje aan Chi gegeven, een uiting van liefde die ik nooit van haar verwacht had.
Het kan dus: twee asielkatten bij elkaar in huis zetten. Maar je moet ze wel op karakter uitkiezen en er zelf hard aan werken om het goed te laten verlopen. Als je erover nadenkt om een kat aan te schaffen, loop dan dus asjeblieft eerst je lokale asiel binnen om naar de volwassen katten te kijken. Ga niet voor een paar kittens omdat ze zo schattig zijn. Geef volwassen asielkatten ook een kans.

Geef een reactie